luxielen

luxielen

IS DE STEINERSCHOOL EEN ANTROPOSOFISCHE SCHOOL? (9)

OnderwijsPosted by Luc Cielen 20 Feb, 2017 20:36:21

SCHOOLFEESTEN

Een groot pluspunt van de steinerscholen is dat er nog seizoensfeesten gevierd worden. Dat die seizoensfeesten een christelijk karakter hebben, is te wijten aan de eeuwenlange opeising door de christenen die zich deze natuurfeesten hebben toegeëigend. Terwijl in zowat alle onderwijssystemen de seizoens- en christelijke feesten naar de achtergrond verdwenen zijn en vervangen door kunstmatige ouder- en grootouderfeesten en dergelijke, hebben de steinerscholen ze in ere gehouden of in ere hersteld. Waarom? Omdat in de antroposofie Christus een centrale figuur is, wiens kruisdood een essentieel keerpunt is in de aarde- en mensheidsontwikkeling. Het christelijke element in de jaarfeesten is daarom opvallend aanwezig. Bovendien vieren de steinerscholen een feest dat buiten hen en de antroposofische verenigingen nooit een feest is geweest: het Michaëlsfeest, het eerste feest van het schooljaar.

De aartsengel Michaël wordt in de hele Bijbel slechts twee keer genoemd (zie voetnoot 1). In de Openbaring van Johannes is hij de engel die de draak (Satan) tezamen met diens engelen uit de hemel verdrijft en op aarde laat neerstorten. Volgens de overlevering zijn zij in de hel terechtgekomen en kennen we hen nu als duivels.

De naamdag van Michaël (en alle engelen) wordt op 29 september gevierd. Die datum heeft geen speciale betekenis, want is gewoon de inwijdingsdatum van de eerste kerk die aan deze engel werd gewijd in Rome. Dit gebeurde rond het jaar 450. Bijna een halve eeuw later is er sprake van een verschijning van Michaël aan een herder in Puglia (Italië), gevolgd door een resem verschijningen in heel Europa in de volgende jaren en eeuwen, meestal op hoogten: heuvels, bergtoppen enz.

Antroposofisch gezien is Michaël een van de zeven aartsengelen, hoewel er in de Bijbel sprake is van slechts drie aartsengelen (Michaël, Gabriël, Raphaël). Hij is als aartsengel de geest van ons tijdperk (zie voetnoot 2) én tegelijk is hij een van de belangrijkste geestelijke wezens in het antroposofische gedachtegoed waarin men overtuigd is van het bestaan van een bovenzinnelijke Michaëlschool (zie voetnoot 3). Om die redenen is het Michaëlsfeest een belangrijk feest binnen de antroposofische beweging en is het dat vervolgens ook geworden in de steinerpedagogie. Gelukkig wordt dit allemaal niet aan de kinderen uitgelegd – Michaël is voor hen een soort ridder-engel die een draak verslaat – maar het feit dat men een herfstfeest de naam geeft van deze aartsengel wijst toch duidelijk in de richting van antroposofie.

Dat blijkt ook uit de liederen die tijdens dit feest gezongen worden. Twee voorbeelden:

Aartsengel, gij, o maak mij waard
een strijder Gods te zijn.
Geef mij uw blinkend sterrenzwaard,
al ben ik nog maar klein.
Maak rein mijn denken, ’t harte goed
en geef tot drakenstrijd mij moed.

In dezelfde geest klinkt het volgende lied:

Gij zonneheld in gouden pracht, Sint-Michaël.
Wij vragen u, o schenk ons kracht.
Refrein:
Help ons bevrijden,
De vijand bestrijden,
Sint-Michaël

Gij vaandrig uit het hemelrijk, Sint-Michaël.
De eng’len zijn uw legerschaar.
Refrein.

Groot is uw macht en sterk uw hand, Sint-Michaël
Gij heerst op zee en op het land.
Refrein.

Moet een herfstfeest in het teken staan van Michaël? Absoluut niet. Het zou zelfs beter zijn om dit niet te doen en van een herfstfeest gewoon een oogstfeest te maken zonder een of andere heilige of fictieve engel erbij te betrekken. Waarom zouden moed en strijdvaardigheid kwaliteiten zijn die bij de herfst passen en wat betekent dat sterrenzwaard? Michaël als de christelijk-astrologische wachter aan de hemelpoort staat het héle jaar door als het sterrenbeeld Kleine Beer hoog aan de hemel – vlak bij de Poolster, aangezien deze ster de poort naar de hemel voorstelt – en draagt er naast een zwaard ook een weegschaal in de hand om er de zielen van de gestorvenen mee te wegen, goede tegen kwade daden.

Een goed en zinvol herfstfeest heeft geen nood aan bovenzinnelijke en hemelse verklaringen. Wil je toch meer achtergrond geven aan een herfstfeest, vier het dan desnoods op 4 oktober, dan kun je het combineren met de internationale dierendag ter gelegenheid van het naamfeest van Sint-Franciscus, al heeft die ook niets met herfst van doen. Hij en de dieren spreken de kinderen hoe dan ook meer aan dan een mythisch-hemelse gevleugelde gedachte (engel) die allerhande strijdlustige kwaliteiten worden toegedacht.

De andere seizoensfeesten in de steinerschool kun je moeilijk antroposofische feesten noemen, al worden ze weleens met ‘geesteswetenschappelijke’ eigenschappen versierd. Het zijn vooral seizoens- en volksfeesten die in hun verchristelijkte vorm zijn overgeleverd. Het is waardevol dat de steinerscholen er zich om bekommeren deze feesten te blijven vieren. De vraag is echter wat de nadruk moet krijgen: het volkse seizoensfeest of de christelijke inhoud. In vele steinerscholen zie ik het christelijke – vanuit de link met de antroposofie – veel meer op de voorgrond treden dan het volkse, waardoor sommige feesten, hoezeer ze ook verweven zijn met de volkscultuur toch een zeer christelijk karakter krijgen en soms zelfs meer een kerkelijk-religieus feest worden. De adventsvieringen die ik in enkele steinerscholen heb bijgewoond zijn daar een typisch voorbeeld van. Ik heb scholen dan ook herhaaldelijk gevraagd om van de school geen kerk te maken (zie voetnoot 4). Een opvallend gegeven in de steinerscholen in Vlaanderen is het feit dat men zelfs een bepaalde leerinhoud aan een christelijk feest aanpast: zo krijgen de kinderen in de eerste klas de klinkers pas aangeboden in de advent, want het zijn de engelen die deze letters uit de hemel meebrengen ter gelegenheid van de geboorte van Jezus. En Sinterklaas brengt de blokfluit. Dit wil zeggen dat kinderen in de eerste klas minstens drie maanden moeten wachten om met leren lezen te beginnen, want zonder klinkers kun je niet leren lezen. Blokfluit leren spelen gaat pas als Sinterklaas gepasseerd is. Op deze manier mengt men geloof met pedagogische inhouden en zijn de kinderen daarvan het slachtoffer.

Hoe kun je de jaarfeesten terugbrengen tot hun essentie?

Noem het Michaëlsfeest een herfstfeest. Laat Michaël maar over aan de Antroposofische Vereniging en aan de Christengemeenschap.

Of het nu om het Sint-Maartensfeest, adventsfeest, sinterklaasfeest, Kerstfeest, palmpasenfeest, Paasfeest, Pinksterfeest of Sint-Jansfeest (= midzomerfeest) gaat; het zijn allemaal waardevolle seizoensfeesten die het perfect zonder antroposofische uitleg kunnen stellen. Wie daaraan toch behoefte heeft, kan inspiratie opdoen in enkele boeken:

Henk Sweers, Jaarfeesten, Vrij Geestesleven, Zeist, 1991;
Juul van der Stok, Schipper mag ik overvaren? Nearchus CV, Assen;
Friedel Lenz, Hoe vieren wij jaarfeesten met de kinderen? Zevenster, Zeist, 1982;
Emil Bock, De jaarfeesten als kringloop door het jaar, Christofoor, Rotterdam, 1980;
Christiane Kutik e.a., Leven met het jaar, Christofoor, Zeist, 1998;
Rudolf Steiner, Jaarfeesten, Christofoor, 2012;

of kan op zoek op internet, waar haast iedere steinerschool/vrijeschool/waldorfschool uitleg geeft over de jaarfeesten.

Op mijn eigen site vind je uitleg over de feesten zonder antroposofische invloeden: http://cielen.eu/schoolfeesten/index.html

---

1 Daniël 10, 13 en Openbaring 12,7.

² http://www.arendlandman.nl/2010/09/het-michaelsfeest-de-herfst-evening-de-aartsengel-michael-en-het-michaelstijdperk/ en https://www.vrijeschoolbeweging.nl/achtergrond/het-michaelsfeest/

3 http://antropocalypse.blogspot.be/2013/09/michael-hij-die-voor-het-aangezicht-van.html

4 Zie bijvoorbeeld mijn blogpost nummer 12 van 22 december 2013.

www.cielen.eu





  • Comments(1)//lux.cielen.eu/#post40